31/12/2015

 

Speculatietaks (belasting) wat betekent het voor u als belegger?


U hoorde beslist al over de aangekondigde federale begrotingsmaatregelen in het kader van de tax shift. Een van de maatregelen is de “ speculatietaks” die de regering wil invoeren per 01/01/2016.


Deze maatregel is ondertussen goedgekeurd bij wet (Wet van 26 december 2015 houdende maatregelen inzake versterking van jobcreatie en koopkracht, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 30/12/2015). U vindt hieronder de reeds beschikbare informatie over de speculatietaks. Wij baseren ons daarbij op de gepubliceerde wet en de informatie die reeds beschikbaar is en onze interpretatie hiervan. Dit is onder voorbehoud van mogelijke wijzigingen en o.m. rekening houdend met onduidelijkheden en incoherenties in de teksten. Als gevolg hiervan is het mogelijk dat correcties op initieel uitgevoerde verrichtingen zullen nodig zijn. Wij volgen evenwel de ontwikkelingen op de voet. Telkens er meer informatie beschikbaar komt, passen we deze pagina aan. Zo beschikt u steeds over de meest recente beschikbare info.


Laatste update op 30 december 2015.


Belangrijk: deze vragen en antwoorden zijn enkel bedoeld als nuttige informatie voor u als belegger en onder voorbehoud van wijzigingen/verduidelijkingen later. Ze kunnen in geen geval beschouwd worden als fiscaal advies.


WAT is de speculatietaks ?


De speculatietaks (belasting) is een belasting van 33% op de meerwaarden die u realiseert op bepaalde beursgenoteerde financiële instrumenten wanneer u die binnen de 6 maanden na verwerving onder bezwarende titel (vb. aankoop) opnieuw overdraagt onder bezwarende titel (vb. verkoop).


Minwaarden zullen maar heel beperkt in aanmerking genomen worden.


WANNEER treedt de speculatietaks in werking ?


De speculatietaks zal van toepassing zijn op financiële instrumenten die u verwerft onder bezwarende titel (vb. aankoop) vanaf 1 januari 2016 en binnen de 6 maanden opnieuw overdraagt onder bezwarende titel(vb. verkoop).


Voorbeeld:

  • u koopt aandelen op 16 november 2015 en u verkoopt ze met een meerwaarde op 12 januari 2016.
    U betaalt GEEN speculatietaks want de aankoop dateert van voor 1/1/2016.
  • u koopt aandelen op 12 januari 2016 en u verkoopt ze met een meerwaarde op 7 maart 2016.
    U betaalt WEL speculatietaks want de aankoop dateert van na 31/12/2015 en u realiseerde een meerwaarde binnen 6 maanden.

 

Op WIE is de speculatietaks van toepassing?


De speculatietaks zal van toepassing zijn op :

  • Alle natuurlijke personen die in België aan de personenbelasting zijn onderworpen en natuurlijke personen niet-rijks inwoners onderworpen aan de belasting niet-inwoners .
  • Onverdeeldheden, burgerlijke maatschappen en feitelijke verenigingen.


Niet-inwoners die zich kunnen beroepen op een dubbelbelastingverdrag waarbij de heffingsbevoegdheid voor dergelijke meerwaarden wordt toegewezen aan hun woonstaat, zullen via een bezwaarschrift bij de Administratie van Financiën de ingehouden speculatietaks kunnen terugvorderen.


Belgische vennootschappen en entiteiten (vb. Vzw's) die in België aan de rechtspersonenbelasting of aan de vennootschapsbelasting onderworpen zijn worden niet geviseerd. Alsook de rechtspersonen niet-inwoners worden niet geviseerd.


WELKE financiële instrumenten viseert de speculatietaks?


De speculatietaks zal van toepassing zijn op volgende financiële instrumenten:

  • Alle beursgenoteerde aandelen en aandelencertificaten
  • Alle beursgenoteerde opties, beursgenoteerde warrants, en andere beursgenoteerde financiële instrumenten (vb: turbo's, sprinters, speeders, futures, …) waarvan het onderliggend actief uitsluitend bestaat uit één of meerdere welbepaalde beursgenoteerde aandelen en aandelencertificaten.

 

Onder beursgenoteerd wordt verstaan elke Belgische of buitenlandse gereglementeerde markt of handelsplatform met minstens één dagelijkse verhandeling en centraal orderboek. Dus verhandelingen op openbare veiling worden niet geviseerd.

 

De speculatietaks geldt in principe NIET voor:

  • alle niet-beursgenoteerde aandelen (aandelencertificaten), opties, warrants en andere financiële instrumenten
  • obligaties en andere schuldinstrumenten (vb. converteerbare obligaties, …)
  • Instellingen voor collectieve belegging (ICB's) of kortweg beleggingsfondsen ongeacht de juridische vorm, inclusief de trackers/Exchange traded funds (ETF's), Gemeenschappelijke beleggingsfondsen (GBF) .
  • Aandelen in gereglementeerde vastgoedvennootschappen.
  • Aandelen,…. die een werkgever toekent aan zijn personeelsleden.
  • Aandelen, opties en warrants verworven in het kader van een beroepswerkzaamheid (winstdelingsregelingen)
  • alle opties, warrants , financiële instrumenten (vb. Turbo's, speeders en sprinters, futures) die beursgenoteerd zijn waarvan het onderliggend actief niet uitsluitend bestaat uit een of meerdere welbepaalde beursgenoteerde aandelen en aandelencertificaten (vb: indexen, grondstoffen, munten, …)

 

Hoe wordt de speculatietaks berekend?

 

De speculatietaks zal berekend worden op:

 

de verkoopprijs (verminderd met de werkelijk betaalde beurstaks) min de aankoopprijs (vermeerderd met de werkelijk betaalde beurstaks).
Andere kosten zoals transactiekosten komen niet in aanmerking

 

De belastbare basis is

(Verkoopprijs – beurstaks) – (aankoopprijs + beurstaks)

 

De speculatietaks zal geheven worden volgens het “last in first out” (LIFO)-principe. Dat betekent dat er bij de verkoop wordt van uitgegaan dat u altijd eerst de laatst bijgekochte aandelen verkoopt en niet degene die u al het langst in portefeuille had.

 

Voorbeeld LIFO-principe:

  • u koopt 100 aandelen ABC in januari 2016;
  • u koopt nog 200 aandelen ABC bij in maart 2016;
  • in mei 2016 verkoopt u 100 aandelen ABC;


Door toepassing van het LIFO-principe wordt u geacht eerst de aankoop van 100 aandelen ABC van maart 2016 te verkopen. U had die nog geen 6 maanden in portefeuille. U zult dus speculatietaks betalen als u verkoopt met een meerwaarde.


Hoe zal de speculatietaks worden geïnd?

 

In zijn hoedanigheid van financiële tussenpersoon zal BNP Paribas Fortis in principe de speculatietaks automatisch innen op het moment dat de gerealiseerde meerwaarde in België uitbetaald wordt. Op die manier hoeft u geen aangifte meer te doen in uw personenbelasting.


Meerwaarden die u realiseert via een buitenlandse effectenrekening, zult u wel zelf moeten aangeven in uw belastingaangifte. U weet dat bij gebruik van een buitenlandse effectenrekening, de financiële instellingen met inbegrip van brokers in het buitenland verplicht rekeninginformatie moeten uitwisselen met de fiscale autoriteiten van het land van de fiscale woonplaats.


Veelgestelde vragen:


Wat betekent dit voor u die effecten tranfereert naar BNP Paribas Fortis?


Er bestaat geen automatische uitwisseling van de historische aankoopdata bij een transfer tussen banken en/of broker.


Als u financiële instrumenten transfereert voor eind december 2015 – bv naar aanleiding van onze huidige campagne “transfer van effecten” en deze definitief geboekt zijn in een BNP Paribas Fortis effectenrekening ten laatste op 31/12/2015, dan is het duidelijk dat u deze financiële instrumenten verworven had voor 01 januari 2016 en zal de speculatietaks NIET van toepassing zijn.

Vanaf 1 januari 2016 wordt het complexer: u moet ons voor de effectieve overdracht (vb. verkoop) de nodige informatie bezorgen over de originele aankoopdata van de getransfereerde stukken.

Indien u dit niet doet, dan moet BNP PARIBAS FORTIS bij een verkoop binnen de zes maanden na de transfer 33% speculatiebelasting inhouden op de volledige verkoopsom.

U kan de teveel ingehouden belasting dan nog wel ZELF terugvorderen via een bezwaarschrift bij de Administratie van Financiën.


Voorbeeld transfert:

  • u transfereert financiële instrumenten voor eind december 2015 en deze worden ten laatste op 31/12/2015 definitief geboekt in BNP PARIBAS Fortis effectenrekening. Op 7 maart 2016 verkoopt u.
  • u betaalt geen speculatietaks, want het is duidelijk dat u die voor 1 januari 2016 heeft verworven. Aankoopbewijzen zijn niet nodig.
  • U transfereert financiële instrumenten voor eind december 2015 maar deze worden na 01/01/2016 definitief geboekt in BNP PARIBAS Fortis effectenrekening. Op 7 maart 2016 verkoopt u.
  • u betaalt speculatietaks op de volledige verkoopsom, want het is NIET duidelijk dat u die voor 1 januari 2016 heeft verworven. Tenzij u voor de verkoop kan aantonen, dat u deze effecten reeds voor 01/01/2016 in uw bezit had. Aankoopbewijzen zijn nodig.
  • U transfereert financiële instrumenten na 31/12/2015 en deze worden na 01/01/2016 definitief geboekt in BNP PARIBAS Fortis effectenrekening. Op 7 maart 2016 verkoopt u.
  • u betaalt speculatietaks op de volledige verkoopsom, want het is NIET duidelijk dat u die voor 1 januari 2016 heeft verworven. Tenzij u voor de verkoop kan aantonen, dat u deze effecten reeds voor 01/01/2016 in uw bezit had. Aankoopbewijzen zijn nodig.


Wat zijn geldige aankoopbewijzen:

  • Documenten afkomstig van financiële instellingen zoals borderellen of rekeninguittreksels of periodieke effectenstaat (originelen of duplicaten). Voorbeeld: afrekeningsborderel originele aankoop
  • Documenten met een vaststaande datum. Voorbeeld: notariele akte,…

 

Mag ik eventuele minwaarden in mindering brengen, als ik speculatietaks moet betalen op de gerealiseerde meerwaarde?


Minwaarden mogen enkel verrekend worden binnen dezelfde verrichting en ISIN-code (= alfanumerieke code bestaande uit 12 posities die een verhandelbaar financieel instrument wereldwijd uniek identificeert) maar het saldo kan nooit negatief zijn.

 

Voorbeeld:

Aankoop effecten ABC januari 2016 : 100 aan 8€ = 800€

Aankoop effecten ABC maart 2016: 100 aan 12€ = 1200€

Verkoop effecten ABC mei 2016: 150 aan 10€ = 1500€

 

We passen de LIFO regel toe:

 

Minwaarden met betrekking tot aankoop effecten ABC maart 2016: 100 aan -2€ = -200 €

Meerwaarden met betrekking tot aankoop effecten ABC januari 2016: 50 aan +2€ = 100€

Belastbare grondslag: 0€

 

Zal ik speculatietaks moeten betalen bij corporate actions?

 

Het type van corporate action zal bepalen of de overdracht en/of verwerving van effecten een impact heeft op de berekening van de speculatietaks.

 

Hierbij enkele voorbeelden:

  • Een keuzedividend waar u als aandeelhouder opteert voor aandelen: in dit geval zullen de verworven aandelen bij een verkoop binnen de 6 maanden met een meerwaarde, aanleiding geven tot speculatietaks.
  • Een fusie waarbij maatschappij A, opgeslorpt wordt door maatschappij B (ontbinding van A zonder vereffening), de meerwaarde die u eventueel zou realiseren door de fusie is niet getaxeerd. Maar indien u de in ruil ontvangen aandelen B zou verkopen, dan moet er teruggegrepen worden naar de aankoopdatum en aankoopprijs van de aandelen A om te bepalen of er een meerwaarde bij verkoop binnen de 6 maanden werd gerealiseerd. Afhankelijk hiervan zal dit dus wel of niet aanleiding geven tot speculatietaks.
  • Een squeeze-out is dan weer niet onderworpen aan de speculatietaks.

 

Zal ik speculatietaks moeten betalen op financiele instrumenten verkregen via erfenis (nalatenschap)?

 

Financiële instrumenten (vb: aandelen) verworven via een erfenis (nalatenschap) zijn vrijgesteld.

 

Zal ik speculatietaks moeten betalen op financiele instrumenten verkregen via schenking?

 

Voor de schenker, is de schenking een kosteloze overdracht, dus niet belastbaar. Echter, de begiftigde neemt de aankoopprijs en aankoopdatum over voor de financiële instrumenten zoals deze onder bezwarende titel verworven werden door de schenker. Dus de bezitsduur van de begiftigde wordt verlengd met de periode waarin de schenker houder was van deze financiële instrumenten. Indien de begiftigde deze verworven financiële instrumenten verkoopt binnen de 6 maanden met een meerwaarde, zal deze aanleiding geven tot speculatietaks.

 

Voorbeeld:

  • Een vader koopt op 15 januari 2016 aandelen ABC en schenkt deze op 15 februari 2016 aan zijn dochter.

De dochter verkoopt deze aandelen ABC op 15 maart 2016 met een meerwaarde.

  • Er zal speculatietaks geheven worden op de meerwaarde op basis van de aankoopdata van de schenker. Dus zal de dochter speculatietaks betalen op de gerealiseerde meerwaarde tussen 15 januari 2016 en 15 maart 2016, indien de dochter kan aantonen voor de verkoop, dat deze effecten verkregen werden door een schenking en dat de schenker deze effecten in bezit had op 15 januari 2016. Aankoopbewijzen zijn nodig.

 

  • Een vader koopt op 20 december 2015 aandelen ABC en schenkt deze op 15 februari 2016 aan zijn dochter.

De dochter verkoopt deze aandelen ABC op 15 maart 2016 met een meerwaarde.

  • Er zal geen speculatietaks geheven worden op de meerwaarde op basis van de aankoopdata van de schenker. Dus zal de dochter geen speculatietaks betalen op de gerealiseerde meerwaarde tussen 20 december 2015 en 15 maart 2016, indien de dochter kan aantonen voor de verkoop , dat deze effecten verkregen werden door een schenking en dat de schenker deze effecten reeds voor 01/01/2016 in zijn bezit had. Aankoopbewijzen zijn nodig.

 

Is de speculatietaks van toepassing op opties?

 

Alle beursgenoteerde opties, waarvan het onderliggend actief uitsluitend bestaat uit één of meerdere welbepaalde beursgenoteerde aandelen en aandelencertificaten zijn in scope van de speculatietaks.

De huidige wet viseert enkel de overdrachten onder bezwarende titel.

Blijkbaar is de wetgever van mening dat de meerwaarde op optiepremies gerealiseerd in het kader van een verwerving/overdracht van éénzelfde optiecontract ook onder toepassing valt van de speculatietaks, maar is ze zich bewust van het feit dat de wettekst zelf niet aangepast is aan deze situatie. Verwacht wordt dat dit probleem zal verholpen worden via een reparatiewetgeving op de wettekst, zonder retro-actief effect voor de inhouding aan de bron.

 

Het louter ontvangen van een optiepremie van een optiecontract dat men waardeloos heeft laten aflopen is op zich niet onderworpen aan de speculatietaks.

 

Hoe moet ik die zes maanden interpreteren?

Hierbij een voorbeeld dat dit verduidelijkt:

U koopt aandelen via de beurs op 5 januari 2016. Speculatietaks op eventuele meerwaarde bij verkoop van deze aandelen is dan verschuldigd voor zover deze verkoop plaatsvindt via de beurs ten laatste op 4 juli 2016.

Indien u deze aandelen verkoopt via de beurs op 5 juli 2016 dan zal de speculatietaks op eventuele meerwaarde bij verkoop van deze aandelen niet verschuldigd zijn.

 

Hoe wordt de meerwaarde bepaald in het geval dat de financiële instrumenten noteren in vreemde munt?

 

Voor de bepaling van de meerwaarde zal gekeken worden naar de koers in de oorspronkelijke noteringsmunt: dat verschil zal dan worden omgerekend naar euro om de meerwaarde te berekenen.

 

Voorbeeld:

Aankoop effecten ABC 16/01/2016 : 1000 aan 54GBP = 54.000GBP

Verkoop effecten ABC 24/05/2016: 1000 aan 60GBP = 60.000GBP

 

Wisselkoers 24/05/2016: 1 EUR = 0,68487 GBP

 

Belastbare basis = 6 GBP * 1000 aandelen * 1/0.68487 = 8.760, 787 EUR