Belasting op meerwaarden gerealiseerd op deelbewijzen of aandelen van "obligatiefondsen". De recentste laatste ontwikkelingen.

1. Inleiding

De wetgever heeft in een wet van 27 december 2005 de definitie van als interest belastbare inkomsten, uitgebreid naar inkomsten verworven door een (aan de personenbelasting onderworpen) particulier bij de inkoop van eigen deelbewijzen of bij sluiting van een kapitalisatie-ICB, gevestigd op het grondgebied van de Europese Unie (EU) met Europees paspoort1 en kapitalisatie-ICB's gevestigd buiten het grondgebied van de EU, die (rechtstreeks of onrechtstreeks) meer dan 40% van hun vermogen beleggen in schuldvorderingen (art 19bis WIB 92).

 

In de loop van de jaren is het toepassingsgebied van dit stelsel meermaals uitgebreid, met een belangrijke impact voor de betrokken beleggers. Het tarief van deze roerende voorheffing (RV) bedroeg:

    • 15% tot 31.12.2011;
    • 21% van 1.1.2012 tot 31.12.2012;
    • 25% sinds 1.1.2013.

 

Wij vatten de recentste ontwikkelingen betreffende het toepassingsgebied van deze heffing samen.

 

Periode vanaf 20 december 2012

    • Vanaf dan komen ICB's met Europees paspoort in aanmerking, waarvan meer dan 25% van het vermogen rechtstreeks of onrechtstreeks belegd wordt in schuldvorderingen (bv. obligaties), in plaats van 40% daarvoor.
    • De verkoop aan derden (in de praktijk: verkoop op de secundaire markt) valt ook binnen het toepassingsgebied van deze wet.

     

    Periode vanaf 1 juli 2013

    • Het artikel 19bis WIB was enkel van toepassing op de ICB's in de EER als ze over een Europees paspoort beschikten. Het wordt vanaf dan uitgebreid naar ICB's zonder Europees paspoort (voor meer dan 25% in schuldvorderingen belegd).

     

    2. Belastbare grondslag

    2.1 ICB's gevestigd in de EER met Europees paspoort, ICB's buiten de EER.

    Voor inkomsten die betrekking hebben op de bezitsperiode van de ICB, wordt deze belasting geheven op alle meerwaarden die voortkomen uit de obligatiecomponent van het fonds.

    Bekijk het schematisch overzicht (pdf)

     

      • Definitie van TIS

        Tot 31.12.2007 was alleen de rentecomponent (of "TIS", d.w.z. "Taxable Income per Share") belastbaar en die stemde overeen met het gedeelte inkomsten van schuldvorderingen van het fonds dat (rechtstreeks of onrechtstreeks) afkomstig is van rentebetalingen.

     

      • Definitie van TIS bis

        Voor de inkoop en sluitingen vanaf 1.1.2008 (en ook de verkoop op de secundaire markt vanaf 20.12.2012) stemt de belastbare grondslag niet enkel en alleen maar overeen met de rente-inkomsten (dus de TIS). Het belastbare bedrag (de TIS bis) is gelijk aan alle inkomsten die rechtstreeks of onrechtstreeks ontvangen worden in de vorm van interesten, meer- of minderwaarden van het rendement van in schuldvorderingen belegde activa.

     

    De belastbare grondslag is gelijk aan het verschil tussen de TIS bis bij verkoop en de TIS bis bij aankoop van de deelbewijzen of aandelen van het 'obligatiefonds'. Deze belastbare grondslag is nog steeds beperkt tot het positieve verschil tussen de netto-inventariswaarde van de deelbewijzen of aandelen op de dag van verkoop en de netto-inventariswaarde van deze deelbewijzen of aandelen op de dag van aankoop.

     

    NB: als de belastbare grondslag niet normaal kan worden berekend (de TIS bis van de deelbewijzen of aandelen is bijvoorbeeld niet bekend), schrijft de wet regels voor die de belastbare bedragen forfaitair vastleggen: meerwaarde vermenigvuldigd met de asset test (percentage belegd in schuldvorderingen).

     

    2.2 ICB's gevestigd in de EER, zonder Europees paspoort.

    Als de TIS bis bekend is op zowel de referentiedatum als op de datum van de verrichting, wordt de belastbare grondslag (rente-ecart TIS bis) bepaald zoals hierboven voor de ICB's die in de EER zijn gevestigd met Europees paspoort en de ICB's buiten de EER.

     

    In de praktijk is een wedersamenstelling van de TIS bis vóór 1.7.2013 door de beheerders van ICB's, EER zonder Europees paspoort echter weinig waarschijnlijk. In dat geval bepaalt de wet de toepassing van een fictief forfaitair jaarlijks rendementsniveau van 3% op de aanschaffings‑ of beleggingswaarde van de aandelen van de ICB, vermenigvuldigd met het percentage van de activa van de ICB die rechtstreeks of onrechtstreeks in schuldvorderingen worden belegd zoals bepaald op 30.6.2013 (asset test van kracht op 30.6.2013).

     

    Deze regel is van toepassing op de berekening van de inkomsten tussen de aanschaffingsdatum en 30 juni 2013. Voor de periode tussen 1 juli 2013 en de datum van de verrichting worden de gewone regels gebruikt (TIS bis of forfaitaire basis).

    Bekijk het schematisch overzicht (pdf)

     

    2.3 Referentiedatum

      • ICB's gevestigd in de EER met Europees paspoort, ICB's buiten de EER.

        Enkel de verworven inkomsten vanaf 1.7.2005 komen in aanmerking voor de berekeningen van de belastbare grondslag.

         

      • ICB's gevestigd in de EER, zonder Europees paspoort.
        Enkel de verworven inkomsten vanaf 1.7.2008 (en niet 1.7.2005) komen in aanmerking voor de berekeningen van de belastbare grondslag.

       

    NB: als de aankoop plaatsvond vóór de referentiedatum of als de datum van aankoop niet bekend is, wordt de referentiedatum in aanmerking genomen voor de bepaling van de bezitsperiode.

     

    3. Concrete impact voor de betrokken financiële instellingen en beleggers

    De banken zijn verplicht om de roerende voorheffing in te houden als ze optreden als betaalagent2. Deze wettelijke bepalingen hebben gevolgen voor deze instellingen aangezien zij hun informatica aanzienlijk moeten aanpassen.

     

    Voor de verrichtingen uitgevoerd sinds 20.12.2012 heeft Fintro bij de betrokken beleggers de roerende voorheffing retroactief geïnd vanaf november 2013.

     

    Voor de verrichtingen uitgevoerd vanaf 1.7.2013 dient het volgende onderscheid te worden gemaakt:

      • Aangezien de wet die deze verrichtingen regelt, pas op 1 augustus 2013 in het Belgisch Staatsblad is gepubliceerd, mag de roerende voorheffing door de financiële instellingen wettelijk gezien slechts worden geïnd voor verrichtingen vanaf 1 augustus 2013.
        Voor belastbare verrichtingen uitgevoerd tussen 1 juli 2013 en 31 juli 2013 dient het belastbare bedrag, aangezien de roerende voorheffing niet werd ingehouden, dus te worden vermeld in de aangifte van de personenbelasting (inkomsten 2013 – aanslagjaar 2014) van de begunstigde van deze roerende inkomsten.
      • Voor de verrichtingen vanaf 1.8.2013 zal  Fintro binnenkort de verschuldigde roerende voorheffing innen. Deze verrichtingen moeten dus niet in uw aangifte voor de belasting worden vermeld.

         

1. De plaatselijke toezichthouder (in België: FSMA) van elke lidstaat van de EU kan een Europees paspoort verlenen aan fondsen die aan de Europese normen beantwoorden. Fondsen met een Europees paspoort mogen in alle lidstaten van de EU worden verkocht.

2. De betaalagent is elke marktdeelnemer die interesten uitbetaalt of een interestbetaling bewerkstelligt ten onmiddellijke gunste van de uiteindelijke begunstigde. Belgische betaalagenten zijn doorgaans financiële instellingen zoals banken, beleggingsfondsen, beursmaatschappijen, fondsbeheerders.